Kleine verhaaltjes rond de Ronde

Beddendief

vlag Trofeo BindaEr waren enkel nog tweepersoonsbedden over, legde de receptioniste van ons hotel in Gent uit, helaas voor ons. Maar wat zagen wij, toen we na onze korte training terug kwamen? Op de gang stond een bed. Op z’n kant. Zomaar. Klaar om ergens naartoe gereden te worden. Ik keek mijn ploeggenoot Kim aan. Zullen we, vroeg ik haar, kunnen we dat maken? Ze haalde haar schouders op. Haar ogen twinkelden. Waarom niet? Met elk een eigen bed zouden we beter slapen toch? En slaap was behoorlijk belangrijk vannacht. We spiedden om ons heen. Niemand te zien. We openden onze deur, schoven het bed razendsnel naar binnen en vonden al doende een nieuwe variant op ‘Eerst het bordje van een ander leeg eten…’: Eerst het bedje van een ander beslapen… Met excuses aan de hotelgast die de nacht op de grond moest doorbrengen.

Stinkkamer

rugnummer RondeDe fotograaf van het Belgische tijdschrift HUMO die naar ons hotel gekomen was om mij te fotograferen vond het tot mijn grote opluchting ook veel te koud om buiten foto’s te maken. Waar we het dan zouden doen? Of hij mijn kamer eens mocht zien? Misschien was die geschikt als achtergrond? Ik brabbelde nog wat over niet bijster bijzonder en zelfs inspiratieloos qua omgeving, maar de fotograaf was niet te vermurwen. Hij wilde mijn kamer zien. De kamer waar ik zojuist was aangekomen en waar ik slechts één ding had kunnen doen voor ik de sms ontving dat er in de lobby op me gewacht werd. Met een stijgend gevoel van gêne ging ik de fotograaf voor. Had ik de deur naar de badkamer nou open gelaten? Of had ik ‘m dicht gedaan, net? Ik wist het niet meer. Zou hij het ruiken? Of zou de geur al weg zijn? Ik smeekte inwendig om dat laatste. Ik stak het kaartje in het slot en opende de deur. De badkamerdeur stond open. Ik snoof. Ja hoor: poep. Maar zeg nu zelf. Wie verwacht dat een fotograaf mee naar je kamer wil?

Twee biefstukken

MolenbergEen grote vleeseter ben ik niet, maar toen ik bij het diner de zeer smakelijke biefstukken op het buffet zag besloot ik er twee te nemen – wetende dat ik op de ochtend voor de koers moeite zou hebben met eten. Biefstukken en pasta zijn een goede basis om op te koersen. Zo stond ik te denken terwijl terwijl ik de twee hompen vlees op mijn bord schoof, me niet bewust van de ploegleider die naast me zijn bord aan het vullen was en met grote ogen zag hoe ik niet een, maar twee biefstukken pakte. Al snel herpakte hij zich: Eentje voor de goede positie voor de Molenberg en eentje voor de Oude Kwaremont, beredeneerde hij mijn keuze. Precies. Een biefstuk voor de Molenberg en een biefstuk voor de Kwaremont: dat kun je in de Ronde wel gebruiken.

Klaarkomen

paterberg ronde sportfotoOp de Kanarieberg zat ik te ver van achteren. Ik reed naar voren langs lossende rensters en hoorde plots een meisje zo hard kermen en kreunen dat, als je er geen beeld bij zou hebben, je zou denken dat er een of andere slechte pornofilm opstond. Ik, als altijd zogenaamd de leukste thuis, riep haar de vraag toe of ze aan het klaarkomen was. Niet leuk. En niet grappig bovendien. Arm kind, lijdend en naar lucht happend op de Kanarieberg, en dan zoiets naar je hoofd geslingerd krijgen door een of andere wijsneus. Sorry. Mijn excuses.

Foto: sportfoto.nl

Zachte politieman

oude kwaremont 2De koers bleef gesloten tot de Oude Kwaremont. Hier zou het dan eindelijk gaan gebeuren. Mijn benen voelden goed en ik zat van voren. Bij de eerste twintig rensters reed ik de Kwaremont op. Ik begon direct met inhalen en besloot een zwalkende Amerikaanse die achter elke kei leek te blijven haken links te passeren. Dicht langs de dranghekken, want die kant zou ze vast niet op slingeren. Fout gegokt. Op het moment dat ik naast haar kwam, zwiepte haar stuur onhandig naar links en kon ik geen kant meer op. Vlak voor me stond een politieagent, of een steward, ik heb niet heel goed gekeken, aan onze kant van de dranghekken. In de split second die ik had besloot ik tegen hem aan te rijden, in de hoop dat hij me zou vangen en me overeind zou houden. Ik reed misschien maar tien kilometer per uur, dus het zou voor beiden geen pijnlijk lichaamscontact worden. Helaas zag de agent me pas op het allerlaatste moment. De Amerikaanse botste in haar ongecontroleerde beweging tegen mij aan, ik viel tegen de agent en meteen viel ik ook om. Mijn voeten bleven in de pedalen zitten, waardoor ik niet meteen op kon staan. Hoongelach van het publiek was mijn deel. De agent hielp me overeind en duwde me weer op gang. Ik begon aan een inhaalrace en stoof iedereen voorbij, over het Kwaremontplein, verder naar boven. Aan het einde van de strook was ik weer bij de rensters waarmee ik aan de Kwaremont begonnen was. Maar de voorste negen waren al gevlogen. Een biefstuk voor de Kwaremont was een goed idee, maar de volgende keer neem ik denk ik toch liever een portie geluk.

Foto: Kris Claeyé

Zwolle met plompeblêdden

spiekbriefje harm jobIk weet niet of ze er al stonden toen we de eerste keer de Kruisberg op reden. Toen had ik het te druk met me focussen op de aanloop naar de Oude Kwaremont. Toen ik de tweede en laatste keer in een uitbraakpoging uit de achtervolgende groep zat, zag ik ze ineens, vlak onder de top. Of eigenlijk zag ik de enorme vlag. De Friese plompeblêddenvlag, met in grote letters ‘ZWOLLE’ erop geschreven. Meteen spotte ik ook Ineke en Xandrijn, want wie konden het anders zijn. Om zoveel ontheiliging van de Friese vlag kon ik alleen maar breed lachen. “Zwolle!” riep ik ze heel hard toe. “Marijn!”, riepen ze terug. Mooi, dacht ik toen we de top bereikten, de man die me het meest geïnspireerd heeft om te gaan koersen, tegen wie ik ontzettend opkeek omdat hij zo goed fietsen kon, tegen wie ik nog opkijk, staat hier nu langs de kant. Hoe het leven lopen kan.

Foto: @harmjob

———————————–

Uiteindelijk kwam er een grote groep rensters terug in onze achtervolgende groep. Het draaide uit op een chaotische sprint om de tiende plek. Ik finishte tot mijn teleurstelling als 43ste. Klik hier voor de volledige uitslag.

Sorry, comments for this entry are closed at this time.