Internationale Vrouwendag

Voor de start lijken we doodgewone vrouwen. “Haai, hoe is het met jou?” “Goed goed, heb je er zin in?” “Ja, koud hè?” We kletsen gezellig, kruipen dicht op elkaar om de kou te verdrijven en bewonderen elkaars nieuwe teamoutfits en fietsen. Een toonbeeld van geëmancipeerd vrouwelijk samenzijn, zoveel sportieve meiden bij elkaar op Internationale Vrouwendag. Zou je kunnen denken. Als je niet beter wist.

Want als het startschot eenmaal klinkt, veranderen we in honderdvijfenzestig woeste wijven. Allemaal tegelijk proberen we kriskras door elkaar zo snel mogelijk naar de voorkant van het peloton te crossen. Solidariteit, m’n reet. We steken ellebogen uit, snijden elkaar af en duwen elkaar met onze bottige heupen aan de kant. Want we weten allemaal: de weggetjes hier in Drenthe zijn smal en als je wilt meedoen in deze koers, zul je vooraan moeten rijden. Maar dat gaat nu eenmaal niet, met z’n honderdvijfenzestigen op een weg van pak ‘m beet acht meter breed.

Dus is het oorlog. Of bitchfight, zo u wilt, op Internationale Vrouwendag, bij een snelheid waar de duivel nog van zou schrikken. Na nog geen twee kilometer eist de koers al zijn eerste slachtoffers. Gewoon, midden op een recht stuk weg waar ogenschijnlijk niks kan gebeuren, klappen een paar meiden bij zo’n vijftig kilometer per uur tegen het asfalt. Het lawaai en stank die dat geeft, verbazen me elke keer weer. Kletterend carbon, klappende banden. Verschroeiend rubber. Ik rem en kom tegen de rug (sorry nog daarvoor) van een van de gevallen vrouwen tot stilstand. Door mijn voet zo snel mogelijk uit mijn pedaal te trekken en aan de grond te zetten, blijf ik rechtop.

Stoppen en de helpende hand uitsteken naar die kluwen kermende meiden? Ja doei. Dat doen we niet, nooit, zelfs niet op een dag als vandaag. Bloeden ze, schreeuwen ze de longen uit hun lijf of liggen ze zachtjes in foetushouding te kermen? Dikke vette pech. En opluchting dat zij daar liggen, en niet wij. Zo snel mogelijk klik ik weer in m’n pedaal en rij ik terug naar het voorste deel van het peloton.

Daar begint het gewriemel, geduw en getrek opnieuw. Want straks zijn we bij het bruggetje van Dieverbrug en dat is smal. Plus de bocht ervoor is bijna een U-turn. Als je niet helemaal voorin zit, moet je vol in de ankers. En je kunt er vanuit gaan dat er op die brug weer een paar bij gaan liggen, want dat doen ze daar nu eenmaal altijd. Ja hoor. Daar gaat er alweer eentje tegen de vlakte. Dom dom, pech voor haar en dikke doei.

Wij moeten namelijk door, want we zijn al bijna bij de keienstrook in Dwingeloo. Ook daar is het raadzaam voorin het peloton te rijden, om dezelfde reden als bij de brug: het is smal, je moet er zo’n beetje een voor een overheen. Het is de ideale plek om aan te vallen, want als je flink doortrekt, vallen er gaten en voor je het weet ben je met een groepje weg. Als je te ver van achteren de keien opdraait, moet je in de achtervolging en loop je bovendien de kans wederom achter zo’n irritante valpartij te zitten.

Geen idee wat het is met die keien, maar kennelijk zijn ze zo bobbelig dat sommige rensters zomaar van hun fiets af hobbelen. Ook nu weer. Daar ligt er eentje gillend als een speenvarken midden op de keienstrook. Ach, heeft ze pijn? Heel sneu. Echt. Maar wij kunnen daar niks aan doen, nee hoor. Sterker nog, wij kijken gewoon de andere kant op, trekken ons niks van onze huilende seksegenote aan en gaan door.

Na de keien komt het inmiddels uitgedunde peloton weer bij elkaar. Wat betekent: voor een kilometer of wat met een slakkengangetje rijden, tot er weer een punt komt waar het smal wordt, of waar zijwind is zodat je de boel op de kant kunt zetten (Huh, wat? Nou, lees maar). Langzaam rijden betekent uitblazen, maar ook weer veel gewriemel op het kleine stukje weg dat we met z’n allen willen bezetten. De meest vrouwvriendelijke uitspraken hoor je in dit deel van de race. “G*DVERD*MM*, KUTHOER!” is verreweg de beste quote die ik op deze Internationale Vrouwendag opvang.

Dit scenario herhaalt zich een paar rondjes lang, tot we na honderdeenenveertig kilometer de finish bereiken en Cloe Hosking wint. Sport verbroedert zeggen ze, of vooruit, het is Internationale Vrouwendag tenslotte: verzustert. Ha, laat me niet lachen. Wij hebben geen medelijden, zoals vrouwen in het diepst van hun gedachten altijd de mooiste, dunste of beste willen zijn ten koste van een ander. Het zijn niet de mannen die het ons moeilijk maken. Nee, wij doen het zelf met onze vlijmscherpe kritiek op elkaar. Wat mij betreft strijd ik liever zo, met open vizier, dan op de meer gebruikelijk manier manier, als een stelletje achterbakse slangen. Internationale Vrouwendag en de Drentse 8 van Dwingeloo; een betere illustratie van wat vrouwen elkaar doorgaans aandoen, is er niet.

Klik hier voor de uitslag.

Foto: sportfoto.nl

Sorry, comments for this entry are closed at this time.