Het scheetjesconcert

IMG_6500Zo tegen dat het gaat schemeren, komt de camping tot rust. Iedereen kruipt in zijn tentje. En dan begint het. Ben je een beetje laat, zoals ik meestal, dan hoor je het ’t best. Bij elke stap tussen de dicht op elkaar staande tentjes door, klinkt het van alle kanten.

Pfiieeet. Prrrrrrt. Brrrooob. Puuut.

Het geluid golft, stereo, afwisselend van ver weg en van dichtbij. Welkom bij het scheetjesconcert.

Met zo’n 175 mensen (15 vrouwen en 160 mannen) fietsen we van de voet van de Stelvio naar de top van de Cauberg, in slechts acht dagen. 1300 kilometer en 17.000 hoogtemeters. Een fantastisch fietsavontuur, genaamd The Ride, over de meest schitterende wegen van Italië, Zwitserland, Liechtenstein, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg, België en Nederland.

Elke dag zitten we uren op de fiets. Dat betekent: veel eten. Veel sportreepjes. Gelletjes. En eiwitshakes bij binnenkomst. Precies het voedsel waar maag en darmen doorgaans niet zo aan gewend zijn. Zie hier, na slechts twee dagen fietsen al: de verklaring voor de nachtelijke geluiden uit de tentjes. Beter een scheet eruit dan pijn in je buik.

IMG_6550Het klinkt zo grappig dat het scheetjesconcert af en toe wordt aangevuld met gegiechel. Van mij. Sowieso lach ik veel, deze week. Want: ik had echt nooit gedacht en verwacht dat op zo’n manier fietsen zo leuk kon zijn. De afstanden ben ik niet gewend; ik heb vrijwel nooit verder dan 150 kilometer gefietst. Vrouwenkoersen zijn niet zo lang, dus er was geen reden voor. Maar het gaat me opvallend prima af, dagen van ruim 180 kilometer met flink wat hoogtemeters.

Het allerlekkerste: ik kan alles op mijn eigen tempo fietsen. Natuurlijk voel ik me na een paar dagen precies zoals in een etappekoers. Stijve benen, vermoeid. Maar ik hoef nooit vanuit het vertrek mee te demarreren, ik hoef geen gaten dicht te rijden en ik hoef niet in het rood te berg op. Dus telkens als iemand vraagt: vind je het afzien? Dan is mijn antwoord ontkennend. Eigen tempo. Héérlijk.

En ouwehoeren onderweg, met iedereen, is ook heerlijk. Na twee dagen hebben we een groep van vijf gevormd, waarmee we op relaxt tempo rijden, inclusief koffiepauzes. Steeds meer mensen haken aan, want iedereen ziet natuurlijk wel dat wij verreweg de coolste groep van de hele Ride zijn.

IMG_6642We zijn met drie mannen en twee vrouwen. De andere vrouw is Annemarie. Zij fietst als een beest, maar is minder bekend onder de deelnemers dan ik, dus haar capaciteiten baren opzien. Zozeer zelfs, dat een van de heren haar op zeker moment aanspreekt, en zegt: Jij fietst ook best goed voor een vrouw. En je daalt al helemaal goed! Voor een vrouw.

Met opgetrokken wenkbrauwen doet Annemarie verslag van het voorval. We zijn het erover eens dat de uitspraken van meneer bijzonder hoog scoren in de categorie ‘meest grove verkapte beledigingen ooit’. Je zegt toch ook niet dat iemand best lekker fietst voor een man. Dan zeg je: jij fietst best lekker. Maar misschien, filosoferen we verder, is de toevoeging ‘voor een vrouw’ ook wel bedoeld als goedpraten van eigen tekortkomingen. Minder goed fietsen dan een vrouw voelt voor sommige mannen immers als tekortkoming.

Hoe dan ook wordt dit de gimmick van de week. Annemarie is namelijk heel aardig, voor een vrouw. Ze heeft goede humor voor een vrouw – heel bijzonder natuurlijk. En ze kan goed relativeren. Voor een vrouw dan hè.

Bovenop de Grand Ballon heeft ze het ook heel koud, voor een vrouw. Net als ik. Ik heb het zo slecht. Het regent, de top hangt in een dikke mist, en ik heb net 72 uur over de beklimming gedaan. Voor mijn gevoel. Mijn benen willen niet, ik voel me leeg. Het restaurant op de top is het beste wat me kon overkomen. Na een stuk peperkoek, een krentenbol, twee bananen, twee pannenkoeken, een kop soep, een groot stuk bosbessentaart met slagroom en een koffie (en het is nog niet eens elf uur ’s ochtends) voel ik me weer een beetje mens.

Samen met Annemarie sta ik mijn zeiknatte kleding te föhnen onder de handendroger in het toilet. Annemarie kan dat heel goed. Voor een vrouw. Dan gaan we verder, naar de camping in Xonrup-Longemer, waar de zon schijnt. De tentjes zijn al opgezet. Maar ze staan er vooral om te drogen. Ook de tenten zijn zeiknat geworden – en dus heeft de organisatie een verrassing voor ons. Wij mogen met alle 15 vrouwen in een slaapzaal, de mannen krijgen een sporthal tot hun beschikking. Hoera, jubel ik bij de finish. Kleren drogen, ruimte, rechtop staan bij het aankleden: het klinkt hemels. En dat is het ook.

Het enige dat ik toch een beetje mis, is het scheetjesconcert

Verschenen in cycling.be, juli 2016

Sorry, comments for this entry are closed at this time.

Tags: