Plopperdeploegpresentatie
Ik dacht dus serieus dat het een grap was toen ik het bericht in mijn mailbox kreeg. Een grap zoals alleen Belgen ‘m kunnen verzinnen. Teampresentatie van de wielerploeg Lotto-Belisol in Plopsaland. De visueeltjes borrelden op als waren het belletjes in een glas priklimonade: André Greipel naast kabouter Plop. Jurgen Van den Broeck en Jelle Vanendert die samen de Kabouterdans doen. Kunnen ze heel goed, in mijn fantasie. Jürgen Roelandts in innige omarming met Samson. Lars Bak op schoot bij K3.
Ik ga volgend jaar voor het vrouwenteam van Lotto-Belisol fietsen en wij werden tegelijk gepresenteerd, dus u begrijpt: ik keek handenwrijvend naar deze bij voorbaat al legendarische dag uit en oefende vanaf het moment dat de uitnodiging mijn mailbox binnen rolde avond aan avond op een geloofwaardig ‘plopperdeplop!’.
Mijn teleurstelling was dan ook enorm toen ik een leeg Plopsaland binnen stapte. Oké, het stond er vol zweefmolens, achtbanen en suikerspinmachines, maar geen kabouter Plop te bekennen. Laat staan dat Samson, Gert en Albert – eh, pardon, Albertóóó – er waren. Om nog maar te zwijgen van K3. Dat was trouwens vooral een deceptie voor de mannen.
De enige levende zielen in heel Plopsaland waren journalisten en de mannen van de Lotto-Belisol World Tour ploeg. Degenen die niet geïnterviewd werden, zaten aan de koffie. Nu ben ik niet op mijn mondje gevallen en doe ik op papier graag stoer, maar ik was toch een beetje starstruck. Ik durfde me niet zo goed bij hen te voegen. Bij gemis aan Gert en Samson waren zij voor mij een meer dan waardige vervangende attracties, maar ik kan in m’n eentje al niet tegen één K op, laat staan tegen K3. Zij moesten wel denken: wie is dat wijf? Wat doet zij hier? Ons te storen tijdens ons heerlijke bakje Plopsakoffie?
Maar als snel stond Marcel Sieberg, het beste maatje van André Greipel, op en kwam eens even een praatje maken. Twee seconden later voegde de sprinter zich bij hem. De rest van de ploeg volgde binnen enkele tellen. Tijd voor actie, blijkbaar, want voor ik het wist zat ik met de hele mannenclub in de achtbaan. Marcel en André zaten in het bakje voor me. Ze pasten er nauwelijks in samen, de lange dunne en de kleine met de indrukwekkende benen – die ik nog steeds niet stiekem heb durven aanraken, al was ik meer dan in de gelegenheid. Ze joelden als meisjes toen de karretjes vaart maakten en toen we rond waren, bleven ze demonstratief zitten en riepen om ‘nog een keer’, zich geen reet aantrekkend van de toegestroomde fotografen en cameramensen die dit unieke plaatje gretig vastlegden. Na de achtbaan was het rennen naar en gillen in het volgende apparaat. De heren sloegen geen attractie over.
Halverwege de middag concludeerde ik dat ik mijn mening grondig moest bijstellen. Teampresentatie in Plopsaland, het was bij nader inzien een briljant idee van die Belgen. Want wielrenners fietsen iedere dag, wij zijn het buiten spelen nooit verleerd. Wij zijn grote kinderen, die niets liever doen dan joelend van de glijbaan razen en er (uiteraard, we blijven topsporters) een wedstrijdje van maken wie het eerst beneden is. Ik ben nog steeds een beetje verdrietig dat ik kabouter Plop niet heb gezien. Maar ik kreeg er André Greipel in de achtbaan voor terug. Geloof mij: dat is onbetaalbaar.
Marijn | 22 december 2012 |
English







Hoi Marijn,
Wanneer kunnen we je in je nieuwe tenue bewonderen?
Veel succes bij je nieuwe ploeg!
Goed voornemen voor Marijn voor 2013: de benen van André Greipel aanraken en er een stukje over schrijven.
In januari, Ruud. Ik sta nog tot 31 december onder contract bij AA Drink
Grappig hoe sommige ‘ballen’ kunnen rollen, Marijn.
Neem aan dat je volgend jaar ook een paar keer als kopvrouw in koers te zien zult zijn. Of is die kans nog kleiner dan de Lotto winnen …
Sorry, comments for this entry are closed at this time.